40-dagenretraite

40-dagen 2022: Hem achterna

Steun ons

Citaten week 3: In alles zit een barst

Gebed van Dietrich Bonhoeffer

God, tot u bid ik in het vroege morgenuur.
Help mij in het gebed mijn gedachten voor U te verzamelen.
Ik kan het niet alleen.
In mij is het duister, maar bij u is het licht.
Ik ben eenzaam, maar Gij laat mij niet in de steek.
Ik ben kleinmoedig, maar Gij zijt geduldig;
Ik begrijp uw wegen niet, maar gij kent de weg voor mij.

Vader in de hemel,
U prijs en dank ik voor de rust van de nacht.
U prijs en dank ik voor de nieuwe dag.
U prijs ik voor al uw goedheid en bijstand in het leven dat achter mij ligt.
Gij hebt mij veel goeds bewezen;
Laat mij nu ook het moeilijke uit uw hand aannemen.
Gij zult mij niet méér opleggen dan ik kan dragen.
Gij doet uw kinderen alles ten beste keren. –

Heilige God,
geef mij het geloof dat mij bewaart voor wanhoop, moedeloosheid en zonde.
Geef mij liefde tot God en de mensen, zij alleen richt haar en bitterheid te gronde.
Geef mij de hoop die mij bevrijdt van angst en gebrek aan vertrouwen. –

Voor uw aangezicht gedenk ik al de mijnen …
Heer ontferm u.
Schenk mij weer de vrijheid en laat mij nu zo leven als ik het voor u en voor de mensen kan verantwoorden.
Heer wat deze dag ook brengt, uw naam zij geprezen.
Amen

Dietrich Bonhoeffer, in de gevangenis tijdens de Tweede Wereldoorlog.

“There is crack in everything, that’s how the lights get in.”

‘In alles zit een barst, zo kan het licht er in’

Leonard Cohen, Anthem

Hoop is als een kier waardoor een straal van licht van de toekomst in het heden valt. Tegelijkertijd maakt hoop het ons mogelijk het verleden ‘in een ander licht’ te zien. Daarom hebben we haar in het bijzonder in de donkere momenten van ons leven zo nodig, vooral wanneer vanuit het verleden de schaduw van een schuld over ons heden valt. Hoop is als een kier waardoor wij ook op de deprimerendste momenten van het heden een vleugje toekomst kunnen inademen.

Tomáš Halík, Niet zonder hoop (2009), p. 116

LOVE bade me welcome; yet my soul drew back,
Guilty of dust and sin.
But quick-eyed Love, observing me grow slack
From my first entrance in,
Drew nearer to me, sweetly questioning
If I lack’d anything.

‘A guest,’ I answer’d, ‘worthy to be here:’
Love said, ‘You shall be he.’
‘I, the unkind, ungrateful? Ah, my dear,
I cannot look on Thee.’
Love took my hand and smiling did reply,
‘Who made the eyes but I?’

‘Truth, Lord; but I have marr’d them: let my shame
Go where it doth deserve.’
‘And know you not,’ says Love, ‘Who bore the blame?’
‘My dear, then I will serve.’
‘You must sit down,’ says Love, ‘and taste my meat.’
So I did sit and eat.

Liefde heette me welkom,
maar mijn ziel schrok terug,
schuldig aan stof en zonde.
Maar Liefde, opmerkzaam,
zag hoe ik bedeesd was,
snel na de ingang te hebben gevonden.
Ze groette en vriendelijk
vroeg zij of mij iets ontbrak.

‘Een gast, antwoordde ik,
‘die het waard is hier te zijn.’
Liefde sprak: ‘Die gast ben jij’
‘Ik? Dat ben ik toch niet waard?
U zien, is mij al te veel …’
Liefde nam mijn hand en vroeg:
‘En wie gaf jou die ogen?’

‘U hebt gelijk, maar ik heb ze bevuild.
laat mij maar boeten, buiten.’
‘Weet jij niet wie de schuld betaald heeft?’
‘Mag ik u dan bedienen?’
‘Jíj wordt bediend’, zei Liefde, ‘eet mijn vlees.
Ik zette mij, en at.

George Herbert (1593-1633)

Dit gedicht van de Engelse dominee en dichter uit de 17e eeuw George Herbert werd buiten het Engelse taalgebied bekend door Simone Weil in haar ‘Attente de Dieu’, ‘Wachten op God’.


Arie van der Krogt maakte een mooie vertaling in het Nederlands, die op zijn website is te vinden.
Het Engelse origineel werd op muziek gezet door onder meer Vaughan Williams.

Bekijk ook de geloofsimpuls en de gebedstip van deze week.

Terug naar "Citaten"